Alle informatie die op dit moment relevant is voor de pioenenteelt krijgt in dit artikel speciaal de aandacht. Wij vertrouwen erop dat deze informatie u helpt bij een succesvolle teelt. Voor vragen of opmerkingen kunt u altijd contact met ons opnemen. Zie hiervoor de gegevens onderaan deze pagina.

Onkruidbestrijding


Onkruidbestrijding in pioenen is niet probleemloos. Zeker nu, daar wordt mee bedoeld: in ieder geval vóór de opkomst van de neuzen, kunnen we het beste Kerb spuiten in combinatie met Chloor IPC of Stomp. Kerb en Chloor IPC hebben een krachtige werking bij lage temperaturen (lager dan 12°C, maar optimaal rond de 5°C) tegen zaadonkruiden, waaronder muur en brandnetel. Chloor IPC geeft het beste resultaat op een vochtige ondergrond bij donker weer.

Bij warmte is er weinig werking te verwachten. Spuit nooit in de regen. Door de regen kan het middel langs de neuzen de grond inlopen en zo schade veroorzaken. Als de neuzen al te zien zijn nooit Chloor IPC spuiten. Contactwerking van Chloor IPC op een pioen betekent dat de geraakte scheut het hele seizoen niet meer groeit. Er zijn proeven gedaan met dual gold. Dit middel kan veel schade geven als er inspoeling is. Dit resulteerde in weinig bloei.

In verband met schade aan de plant kunt u geen Stomp gebruiken in de kas.

Botrytis


De eerste behandeling van Botrytis vindt al plaats tijdens de opkomst. Omdat de schimmel overwintert door sporen op de grens van grond en lucht, wordt de nieuwe scheut tijdens de opkomst besmet. Aangieten met Collis of Luna Privilege kan bij een gevoelig soort - zoals Flame - het aantal omvallers met 90 procent verminderen.

Wij willen dan ook het belang benadrukken van het tijdig en preventief behandelen van de gewassen. Dat kan een aanzienlijk voordeel opleveren. De dosering van Collis is maximaal 4 liter per ha. en werkt het beste als er zo veel mogelijk op de plant wordt gegoten met veel water (voor gevoelige rassen 0,20 liter per plant)  Regelmatig Collis gebruiken is gevaarlijk vanwege resistentie. Ook het losmaken van de bovengrond in tunnels en kassen kan de schade door omvallers aanzienlijk beperken.

Meten = weten 


Neem in vaste periodes met regelmaat een grondmonster, zodat u een beter beeld krijgt van de behoeftes van de plant.

62ca9673-b468-451a-a572-b649c9d6b67d.png

Wie is Soiltech?

De weerbaarheid van zowel de bodem als het gewas komt vooral voort uit de natuur zelf. Vanuit deze filosofie verzorgt Soiltech bodemanalyses en gericht bemestingsadvies voor boomkwekers, sierkwekers, groente- en fruittelers en projecten in het openbaar groen. Soiltech heeft een ruim productassortiment waarmee duurzame teelt mogelijk wordt gemaakt, het gebruik van chemische middelen kan verminderen en het rendement van elke teelt wordt verhoogd.
 
Het totaalsysteem van Soiltech richt zich op verhoging van de bodemweerbaarheid en het verzorgen van de optimale voeding van het betreffende gewas
 
Goed voorbereid zijn op komend seizoen? Laat een bodemanalyse maken!

Het is het begin van het jaar. De teelt ligt stil. Het is tijd om de balans op te maken. Niet alleen van alle inkomsten en uitgaven, maar eveneens van het belangrijkste teeltmiddel: de bodem. Is die (nog) in balans? Haalt u het maximale rendement?

Een bodembalansanalyse beantwoordt die vragen.

Wat is een bodembalansanalyse (BBA)?

Een BBA laat zien hoeveel mineralen in de bodem zitten en wat de verhoudingen daartussen zijn. De grootte van het klei-humuscomplex in uw bodem bepaalt hoe goed uw grond mineralen kan vasthouden en aan de plant kan doorgeven. Aan de mineralenbezetting van het klei-humuscomplex is ook te zien welke nutriënten de bodem mist en welke dus aangevuld moeten worden. Welke nutriënten dat zijn, verschilt per plant en per bodem. Wij helpen u graag met een bemestingsadvies.

Alles staat of valt met een goede voorbereiding

Dit is bij uitstek de tijd om een BBA te laten maken. Er wordt niet of nauwelijks geteeld en de bodem is tot rust gekomen, waardoor een analyse de meest betrouwbare informatie laat zien. Omdat de grondmonsters nu worden geanalyseerd, is er tijd genoeg om de knelpunten van de bodem aan te pakken. Zo is uw bodem weer optimaal in balans bij de start van het nieuwe seizoen.

Waarom juist een BBA?

Met de BBA-analyse wordt gekeken naar de totale behoefte van de specifieke bodem. Dit in tegenstelling van sommige andere analyses, waar bijvoorbeeld gewerkt wordt met een regiogemiddelde. Dit uit zich in een gericht advies per element van de bemonsterde bodem.
 
Voor een advies op maat kunt u contact opnemen met uw adviseur:
David Damminga: 06 – 23 53 36 12 of david@soiltech.nl

Bemesting


Een topkwaliteit pioen vraagt om een uitgekiende bemesting.  De tijd is voorbij dat een baaltje van dit en een baaltje van dat voldoende was. Pioenen die al een aantal jaren vaststaan, kunnen de grond verarmen en hebben zeker voeding nodig.
 
Start van de teelt

Tot enkele jaren geleden stond alleen fosfaat te boek als wortelbevorderend. Planten hebben echter een bepaalde voorkeursvolgorde van opname van de elementen. Het start met zwavel, dan volgt borium, dan silicium, daarna calcium, gevolgd door stikstof, dan magnesium en uiteindelijk fosfor. De beschikbaarheid van al deze basiselementen, vooral van borium, silicium en calcium, is een voorwaarde voor een goede start van de planten. Als deze elementen niet aanwezig of opneembaar zijn, begint de teelt moeizamer en is het treintje van opname onderbroken.

Hoofdelementen


Stikstof is het element dat het meest en het gemakkelijkst wordt opgenomen door de plant. Bij een sterke groei zoals in de eerste weken bij vegetatieve groei (lengtegroei) is veel stikstof nodig. Bij stikstofgebrek ontstaat een verkleuring van oudere bladeren naar lichtgroen of geel, minder lengtegroei, te vroege bloei en de plant is heel gevoelig voor schimmelziekten.

Fosfaat heeft een zeer gunstige werking op de vorming van het hoofdwortelgestel. In samenwerking met kali heeft fosfaat enkele weken voor de bloei een gunstige werking op de bloemvorming. Het resultaat is grotere en dikkere toppen. Daarom wordt er geadviseerd om voor de bloei extra fosfaat en kali mee te geven. Bij een fosfaatgebrek blijven de bladeren kleiner, de bloemen bleker, is er eventueel kans op bloeiverlating en een verkleuring (rood/paars) van de bladeren. Daarnaast kunnen bij lage temperaturen gebreksverschijnselen optreden.

Overmaatsverschijnselen komen in principe niet voor, omdat fosfaat zich gemakkelijk bindt aan de gronddeeltjes. Maar een grote overdaad kan er wel voor zorgen dat de plant het magnesium juist niet meer opneemt. Zo ontstaat een magnesiumgebrek.

Kali verzorgt de stevigheid van het blad en de stengel, en zorgt tijdens de bloei samen met fosfaat voor grotere en dikkere toppen. Bij voldoende kali kan een plant zich beter verweren tegen schimmels en bacteriën. Bij kaligebrek vergelen de bladranden, beginnend bij de oudere onderste bladeren. Ook worden alle bladeren smaller en de takken dunner. Overmaat van kali geeft zoutschade en zorgt voor een slechte groei.

Magnesium geeft de plant het frisse gezonde groene uiterlijk. Het heeft ook een functie voor de celwand en stevigheid van het weefsel, en is een bouwsteen voor verschillende enzymen. Bij magnesiumgebrek ziet u het blad geel worden (bij lage temperaturen kunnen gebreksverschijnselen optreden), terwijl de bladnerven groen blijven. Overmaat komt in principe niet voor.

Calcium wordt door de plant gebruikt voor de stevigheid en de opbouw van cellen. Calcium is heel belangrijk voor de waterhuishouding van de plant en is onmisbaar bij hoge temperaturen. Bij een hoge temperatuur verdamt de plant veel en moet hierdoor meer water opnemen. Calciumgebrek ontstaat bij een te snelle groei en een te hoge luchtvochtigheid. Hierdoor kan de plant te weinig of niet verdampen. Als een plant niet kan verdampen, neemt hij ook geen water met voeding meer op. Bij gebrek sterven de jonge bladeren (bladranden), en is de plant ook gevoeliger voor schimmelaantasting.

Spoorelementen hier wordt in de teelt te weinig aan besteed. Spoorelementen zijn de vitaminen en mineralen voor de plant. Spoorelementen zijn: Fe = ijzer, Mn = mangaan, B = borium, Zn = zink, Cu = koper en Mo = molybdeen (hoge cijfers betekent veelal een hoge PH). Al deze elementen hebben een belangrijke functie en zijn de bouwstenen van de plant. Spoorelementen zijn mede noodzakelijk voor de waterhuishouding, celdeling en stofwisseling van de plant. De spoorelementen worden door de plant opgenomen via de haarwortels, dus het is belangrijk dat u een pruik met haarwortels aan uw planten krijgt. Omdat er in de voeding die wij in de handel kopen weinig tot geen spoorelementen aanwezig zijn, is het belangrijk om deze extra mee te geven tijdens elke voedingsbeurt.

Gebreksverschijnselen in spoorelementen:

Fe = ijzer. Jonge bladeren verkleuren tussen de nerven naar lichtgroen, geel of wit.
Mn = mangaan. Vergeling van het oudere blad tussen de nerven.
B = borium. Niet uitgroeien van de groeipunt en bladmisvorming van het jonge blad.
Zn = zink. Dwerggroei, clorotische vlekken in jong blad
Cu = koper. Afsterven van knoppen, vergelen of vergrijzen en opkrullen van de jongste bladeren
Mo = molybdeen. Gebreksymptomen in het oude blad: geelverkleuring doordat stikstof niet goed kan worden omgezet. Gebreksymptomen op jong blad: misvorming van de bladeren, geelverkleuring van de bladeren.
 
Normale bemestingsgiften kg/ha voor pioen op jaarbasis
(bij normale grondwaardering)

  • N-behoefte: 200 kg/ha
  • Fosfaat, kg. P2O5: 100 kg/ha
  • Kali, kg. K2O: 225 kg/ha
  • Magnesium, kg. MgO: 100 kg/ha

Voor opkomst is het mogelijk te bemesten met:

  • Organisch materiaal
  • Stikstof (N),  125 kg toedienen voor de bloei
  • Fosfaat
  • Kalium, helft strooien
  • Magnesium
  • Calcium

In de winter is aanvulling met compost raadzaam, vooral bij oudere hoeken pioenen. Alle voedingsstoffen moeten zoveel mogelijk in de juiste verhouding tot elkaar gegeven worden, anders ontstaat er in een beperkte factor wat we antagonisme noemen. Dit is in normaal Nederlands 'verdringing'. Het ene hogere aanwezige voedingselement verdringt het andere lagere voedingselement, en is hierdoor niet meer opneembaar voor de plant. Zo geeft een overmaat aan kali een remmende werking bij de opname van calcium, maar bij een overdaad aan calcium kunnen grotere problemen ontstaan, doordat calcium haast alle voedingselementen verdringt op stikstof na. Door deze verdringingen ontstaan meestal de gebrek- en overmaatsverschijnselen.
 
Antagonisme (de doorgetrokken rode lijnen): een element hindert de opname van een ander voedingselement.
 
Synergisme (groene stippellijnen): een element bevordert de opname van een ander voedingselement.

4111a355-42f4-4592-8f8d-5a84d161f5bc.jpg

9a25347d-eaab-486d-bf7f-908d4489ef65.jpg

Wat zijn DCM organische meststoffen?
 
Organische meststoffen zijn samengesteld uit verschillende plantaardige (bijvoorbeeld moutkiemen, cacaodoppen, meel van oliekoeken, tabaksstof, vinasse) en dierlijke grondstoffen (zoals hoefmeel, beendermeel, verenmeel en haarmeel) van natuurlijke oorsprong. De voedingselementen (stikstof, fosfor en kalium) in deze meststoffen komen vrij naarmate bodemorganismen, zoals bacteriën en schimmels, de meststofkorrel afbreken. Door deze geleidelijke vertering en het gebruik van verschillende grondstoffen komen de voedingsstoffen over een langere periode, ongeveer 100 dagen, ter beschikking van de planten.
 
Voordelen van DCM organische meststoffen ten opzichte van chemische meststoffen  
 
Chemische meststoffen zijn snel oplosbare zouten die in één keer ter beschikking komen van de plantenwortels. Maar door een overmaat aan voedingsstoffen bestaat de kans op wortelbeschadiging bij een chemische bemesting. De plant kan de grote hoeveelheid beschikbare voedingsstoffen niet allemaal tegelijk opnemen en een groot deel van de voedingselementen gaat verloren door uitspoeling.

Bij DCM organische meststoffen gebeurt de vrijstelling van voedingselementen in overeenstemming met de behoefte van de plant. Bij warm en vochtig weer, wanneer de plant snel groeit en meer voeding nodig heeft, gebeurt de vertering van de meststof en dus ook de vrijstelling van de voedingselementen sneller. Doordat vrijstelling en opname van voedingselementen op elkaar afgestemd zijn, worden alle voedingselementen opgenomen door de plant. Er gaan nagenoeg geen voedingselementen verloren door uitspoeling en is er geen enkel risico op schade aan de wortels. Organische meststoffen hebben niet alleen een langere werkingsduur, ze zijn bovendien milieuvriendelijk én veilig voor de plant. 

Daarnaast dragen organische meststoffen bij aan het opbouwen van organische stof in de grond, wat weer bevorderlijk is voor onder andere het bodemleven.
 
DCM meststoffen in de pioenenteelt
 
In de pioenenteelt worden een aantal organische meststoffen gebruikt waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen binnen- en buitenteelt. Hieronder vindt u een overzicht met de producten die daarvoor het meest gebruikt worden.
 
Binnenteelt pioen

  • Mix 2 (7-6-12+4MgO): strooibare voorraad meststof met hoger kali voor een stevig gewas
  • Micro-mix: strooibare sporenelementenmix (bevat ijzer, mangaan, koper, borium, zink en molybdeen)
  • Vivisol: strooibare korrel, creëert een rijk en gevarieerd bodemleven
  • Olega fer: snelwerkende ijzer bladvoeding

 
Buitenteelt

  • Mix 5 (10-4-8+3MgO): strooibare voorraad meststof
  • Vivikali: langzaam werkende organische kali
  • Vivifos: langzaam werkende organische fosfaat (ook bij hoge pH goed beschikbaar)
  • Olega fer: snelwerkende ijzer bladvoeding

 
Voor een advies op maat kunt u contact opnemen met uw adviseur.
Andre de Ridder: a.deridder@dcmnederland.com

df13e1c8-66b1-4b40-9ed4-89f40ecf3b05.jpg

De eerste groeischeuten komen uit de grond, dus wil de plant het suikertransport weer op gang brengen. Het gewas zal vooral in de beginfase behoefte hebben aan silicium, calcium en boriumSilicium om vaten te vormen, calcium zorgt voor het vullen van de cellen en borium zorgt voor het transport hiervan.

Borium zal in het najaar voor een deel uitgespoeld zijn, omdat dit het minst stabiele element is. Daarom is het aan te raden om borium met een huminezuur mee te geven zodat de uitspoeling voorkomen wordt.
 
Silicium
Dia-Life bevat een hoge concentratie van fijne overblijfselen van zeealgenfossielen en bestaat grotendeels uit silicium, maar het bevat ook een grote variëteit aan micronutriënten.
 
Calcium
Gyp-Life bevat een hoge concentratie van natuurlijk calciumsulfaat. Daarnaast bevat het ook zwavel, waarvan vrijwel elk gewas profiteert in de groeifase.
 
Producten uit de Life Range, waaronder Dia-Life en Gyp-Life, bevatten onder andere de opnameversterker fulvinezuur, waardoor de toegediende hoeveelheid mineralen binnen 6 dagen volledig wordt afgeleverd aan de plant. Daarnaast wordt het microleven in de bodem gestimuleerd, waardoor ook andere mineralen plantbeschikbaar worden gemaakt en het effect verder wordt vergroot.
 
Borium
Borium verhoogt de calciumefficiëntie, is betrokken bij de celwandsterkte en is belangrijk voor goede wortelontwikkeling. Liquid Boron Humate is een zuivere humine met 2,0% gebufferde borium. Het is een gebruiksklare oplossing voor een makkelijke toepassing. Borium is het spoorelement dat het meest instabiel is en gemakkelijk uitspoelt in bodems met een laag humusgehalte. Liquid Boron Humate geeft een continue boriumbeschikbaarheid.
 
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met :
Marco Culurgioni: mc@karobv.nl of 06-86 82 30 06
Danny Rood: dr@karobv.nl of 06-51 14 71 42

Slakken: de sluipmoordernaar in uw pioenrozen!


In de wintermaanden en het vroege voorjaar kunnen naaktslakjes onder glas, maar ook in uw buitenpioenen veel schade veroorzaken. Wees daarom alert op beginnende slakkenvraat en voorkom uitval aan uw komende pioenenoogst.

Slakken zijn weekdieren en kunnen grofweg worden ingedeeld in naaktslakken en huisjesslakken. Onder glas komen vooral de naaktslakken voor. Ze kunnen veel schade aanrichten in allerlei gewassen. Ze zijn weinig tot niet kieskeurig bij de keuze van hun voedsel. Slakken vreten bij voorkeur aan jonge scheuten, bladeren maar ook aan de neuzen van uw pioenen. Omdat de slakken `s nachts actief zijn en zich overdag terugtrekken, worden ze niet vaak op de beschadigde plantendelen teruggevonden. Beschadigde plantendelen zijn invalpoorten voor schimmelinfecties.

Contact

Voor meer informatie kunt u terecht op onze website of contact opnemen met:

Ed Kleijbeuker

T: +31 (0)6 24 94 64 05
E: ed@green-works.nl

Daan Kneppers

T: +31 (0)6 51 82 47 12
E: daan@green-works.nl