Hierbij sturen wij u onze nieuwsbrief met als onderwerp: pioenen. Speciale aandacht krijgt de informatie die nu relevant is voor de pioenen teelt. Wij vertrouwen erop dat deze informatie u helpt bij een succesvolle teelt. Voor vragen of opmerkingen kunt u altijd contact met ons opnemen.


Watergift

Pioen is een gevoelig gewas. Door zijn snelle groei na opkomst is het gewas niet sterk. Gaat de groei erg snel terwijl het klimaat schraal is, dan zal de plant de zwakste bloemen afstoten. Vooral tijdens koude nachten krijgt de vorst daarvan vaak de schuld, terwijl gebrek aan water waarschijnlijk een belangrijker oorzaak is. Ook bij plotseling mooi weer tijdens de strekking is het risico groot. Wacht daarom niet met beregenen tot de grond droog is, maar maak het voor de plant zo plezierig mogelijk. 

In de kas of in de tunnel is de watergift bij pioenen bepalend voor het resultaat. Omdat de gewassen zeer snel groeien is de kans groot dat de gewasgroei voor de plant belangrijker is dan het laten doorgroeien van de bloemknoppen. Door voldoende water te geven wordt het zogenaamde kiesmoment van de plant uitgesteld. Als de knoppen groot genoeg zijn, zal de plant de knoppen niet meer afstoten. Het geven van voldoende water maakt extra aandacht voor het klimaat noodzakelijk. Vermijd grote overgangen in temperatuur en luchtvochtigheid, zet op tijd een kier lucht en zorg voor een rustige groei. De ramen pas openzetten als het warm is, kan vochtblaadjes en brandkoppen veroorzaken. Op deze beschadigingen vormt zich bijna zeker Botrytis. Droog telen om Botrytis te voorkomen geeft problemen met verdroogde knoppen. Om ervoor te zorgen dat alle knoppen doorgroeien. Moet de vochtvoorziening optimaal zijn. Gebeurt dit niet, dan wordt het ene probleem opgelost ten koste van het andere.

Botrytis bestrijding

Knop Botrytis is dezelfde Botrytis die omvallers veroorzaakt in uw gewas. Het spreek dus voor zich dat percelen die last veel omvallers gehad hebben,de meeste kans lopen om ook problemen te krijgen met knop Botrytis.

Knopval bij pioenrozen is elk jaar een belangrijke kwaal. Hoewel Botrytis het snelst groeit bij nat en warm weer, ontstaan de grootste problemen juist bij koud en nat weer, vlak voor de bloei. De bloemen rijpen dan niet af en staan te lang in een kwetsbaar stadium op de plant. in dit stadium groeit de schimmel vanuit het kleine blaadje onder de bloem de knop in. Als het daarna warm en vochtig wordt, vallen de knoppen vlak voor de bloei in grote getale om. 

Door preventief te spuiten kan de ontwikkeling van knopbotrytis geremd worden.
Teldor  Switch en Collis zijn sterke middelen voor de bloei en verleden jaar hebben Luna Privilege en Signum ook een toelating gekregen. Gebruik een uitvloeier om het middel goed rondom de bloemknop te krijgen.

Slawortelboorder

Dit jaar is de wortelboorder bijzonder actief. In de kassen zijn de eerste vlinders al uitgevlogen. Als de vlinders uitgevlogen zijn is dit te herkennen aan de lege vliesjes (hulsjes) die op de grond rondom de pioen te vinden zijn.

Slawortelboorder    Slawortelboorder

De vlinders gaan direct eitjes leggen, waaruit de jonge larven voor een nieuwe generatie ontstaan. De bestrijding kan het beste gericht worden op het aanpakken van de jonge larven. Circa 3 weken na de eerste vlucht van de vlinder van de wortelboorder komen de jonge larven uit de eitjes vandaan.

Slawortelboorder     Slawortelboorder

Voor de bestrijding is het belangrijk om 3 weken na de eerste vlucht van de vlinders te starten met  Botanigard. Advies: 1,5 kg Botanigard WP, daarna 2 x herhalen met 5-10 dagen interval.

Het is van groot belang dat Botanigard op een vochtige grond wordt gespoten en dat er daarna voldoende ingeregend wordt. Dit om het middel goed in de bovenste laag van de grond te krijgen. Botanigard is zowel vloeibaar als in poedervorm beschikbaar..
De dosering Botanigard vloeibaar is 3 liter/ ha en de dosering van Botanigard WP (poeder) is 1,5 kg /ha.

Beeldenbank uitgebreid met gebreksziekten

De Beeldenbank ziekten, plagen en onkruiden is uitgebreid met een nieuwe categorie: gebreksziekten in boomkwekerijgewassen.

databank.groenkennisnet.nl/gebreksziekten 

Onkruidbestrijding

Er worden op dit moment middelen gebruikt waarvan wordt aangenomen dat ze geen schade veroorzaken. Ze worden pas zo kort gebruikt dat er nog veel te weinig ervaring mee is opgedaan. Probeer daarom de onkruidbestrijding zoveel mogelijk onderdoor met een spuitkap uit te voeren. 
De belangrijkste valkuil is ophoping van bepaalde middelen.Omdat pioenen lang op dezelfde plaats staan wordt vaak elk jaar hetzelfde gespoten. Dit houdt in dat middelen na enkele jaren wel eens anders zouden kunnen werken dan in het eerste jaar. Probeer dus voor afwisseling te zorgen.

Bemesting


Stikstof Extra steellengte kan soms nog bereikt worden door een extra gift van ammoniumnitraat. Onthoud wel dat stikstof niet alleen de groene bladeren groter maakt, maar ook de bladeren van de bloemen! Meer stikstof geeft grotere bloemen. 
Kali en fosfaat zijn beide belangrijk voor stevigheid en kleur. Van deze elementen wordt niet snel te veel gegeven. Bij een heel hoge kaligift wordt de opname van calcium en magnesium wel bemoeilijkt. 
Magnesium is belangrijk voor stevigheid en kleur.
Calcium is heel belangrijk voor sterke cellen, het is de ruggengraat voor de plant. Het optreden van bladrandjes kan komen door een gebrek aan calcium. Een bepaling van het kalkgehalte is dus zeker zinvol. In de kas moet zeker calcium gegeven worden, zij het iets minder bij het gebruik van slootwater.
Sporenelementen zitten meestal voldoende in de grond. Toch is het wel verstandig om een mengmeststof te geven waar de spoorelementen in zitten. De sporenelementen zijn belangrijk voor de groeipunten en voor kleur op het gewas.

Meten = Weten 
Neem met regelmaat in vaste periodes een grond / bladmonster zodat u een beter beeld krijgt van de behoeftes van de plant.

Normale bemestingsgiften kg/ha voor pioen op jaarbasis
(bij normale grondwaardering)

N- behoefte: 150 kg/ha
Fosfaat, kg P2O5: 100 kg/ha
Kali, kg K2O: 225 kg/ha
Magnesium, kg MgO:100 kg/ha

Kort voor de bloei kan men corrigerend/ sturend bemesten met:
Stikstof via bladbespuitingen i.v.m grotere knop
Magnesium via bladbespuitingen i.v.m kleur
Calcium via bladbespuitingen i.v.m hardheid
Spoorelementen o.a. mangaan en ijzer i.v.m kleur

Aaltjes

Vrijlevende wortelaaltjes 
Vrijlevende wortelaaltjes prikken de wortels van waardplanten alleen oppervlakkig aan. De aaltjes komen op zandgrond en lichte zavel voor. Vrijlevende wortelaaltjes hebben zeer veel waardplanten. Economisch gezien zijn de vrijlevende wortelaaltjes de belangrijkste veroorzakers van problemen. Alle vrijlevende wortelaaltjes zijn in staat het Tabaksratelvirus (TRV) over te dragen. 

Wortelknobbelaaltjes
Wees bij aankoop of bij verwerking alert op de aantasting door het wortelknobbelaaltje. Een sterk vertakt wortelgestel of zichtbare knobbeltjes duiden hierop. Wortelsnoei biedt mogelijkheden maar de achtergebleven aaltjes verspreiden zich spoedig over de jonge haarwortels die in het voorjaar aangroeien. Een warmwater behandeling biedt wel uitkomsten.

Bladaaltjes
Een aantasting van aaltjes is duidelijk te zien aan een misvorming van het blad. De bladeren zijn halfrond vergroeid en het weefsel ziet er misvormd uit. Van jonge scheuten kan soms het groeipunt verdrogen.

Aantasting van het blad door bladaaltjes

Daarnaast kan bloemknopverdroging optreden. Dit is duidelijk te herkennen aan zwart verrotte bloemdelen met eromheen nog gezonde kroonbladeren. De bloemknoppen kunnen in elk stadium verdrogen. Soms komt de knop wel in bloei maar is de bloem misvormd.

Bloemknopverdroging

Voor verspreiding in het gewas hebben aaltjes water nodig. De aaltjes bewegen zich naar andere delen van een plant over een filmpje van water dat op het blad ligt na het (be)regenen van het gewas of bij hoge luchtvochtigheid. Verspreiding vindt ook plaats tijdens gewaswerkzaamheden. Omdat verspreiding plaats vind tijdens nat blad moet je niet in gewas lopen en of spuiten, dus spuiten vanuit paden.

Het aaltje geeft eigenlijk pas schade in het seizoen na de besmetting. Toch is de besmetting in het eerste jaar te herkennen. De bladeren laten dan blauwe, strak door de nerven afgebakende vlakken zien. Na een regenbui breidt dit zich uit naar het volgende nerfvak. 

Aaltjes overwinteren o.a. in dood blad op de grond en in de jonge groeipunten van de pioen. In het voorjaar gaan de aaltjes met de gewasgroei mee omhoog of ze kruipen in een waterfilm op de plant naar boven. Voor hun voeding zuigen ze aan de plant. Tijdens het aanprikken en leegzuigen van de cellen brengen de aaltjes een voor de plant toxische stof in de cellen. Hierdoor ontstaat misvorming in de groeipunten, verdroging van bloemknoppen en totale groeiremming.  

Aaltjes kunnen overigens ook mee liften op onkruid(zaden) en daardoor het perceel besmetten.

Maatregelen:

  • Perceel vrij van onkruid houden. 
  • Verwijder de verdroogde bloemknoppen.
  • Spuit als het blad nat is van de dauw in de avond, omdat de aaltjes dan aan de buitenkant van het blad zitten 3 x met Vertimec Gold. 
  • Maai in het najaar het gewas ½ augustus af en verwijder de gewasresten. Doe dit alleen bij droog weer.

Virus

Tabaksratelvirus
Het virus wordt in de bodem overgebracht door vrijlevende wortelaaltjes. De aantasting is vaak pleksgewijs. Soms komen gezonde scheuten naast zieke voor aan dezelfde plant. Het virus gaat bij vegetatieve vermeerdering over op het grootste deel van de nakomelingen. 

Het virus heeft een zeer brede waardplantenreeks, waaronder bloembolgewassen en onkruidsoorten o.a vogelmuur, varkensgras en herderstasje fungeren als waardplant. Het virus kan ook verspreid worden vanuit een beukenhaag.

Tabaksratelvirus, de symptonen zijn duidelijk te herkennen

Syptomen: 

  • De bladeren hebben gele vlekken, vaak in kringvorm, enkel- en meervoudige kringen en golflijnen
  • Op de bladeren en soms op de stengel bruine tot zwarte streepjes en vlekjes
  • Soms een gedrongen groei, bladeren gebobbeld, gedrongen en/of samengeknepen
  • Het virus kan ook symptoomloos voorkomen in bijvoorbeeld pioen

Maatregelen organische stof in de vorm van compost of champost kunnen de infectiedruk verlagen. 

  • Gezond uitgangsmateriaal. (ga kijken voor je koopt)
  • Bestrijd onkruiden, vooral wortelonkruiden, omdat deze waardplanten zijn van de aaltjes
  • Verwijder zieke planten
  • Teel geen gewassen op gronden waarvan bekend is dat ze besmet zijn met tabaksratelvirus
  • Grond stomen

Komkommermozaïekvirus kan door een groot aantal bladluissoorten worden overgebracht, waaronder de groene perzikluis. Bladluizen kunnen het virus opnemen door slechts enkele seconden op een zieke plant te zuigen. Als ze vervolgens doorvliegen naar een gezonde plant en deze aanprikken, kan het virus onmiddellijk worden overgedragen. Virusoverdracht vindt vooral plaats naar de planten in de directe omgeving. Het virus gaat bij vegetatieve vermeerdering over op de nakomelingen.

Komkommermozaïekvirus heeft een zeer brede waardplantenreeks waaronder onkruiden als: muur, klein kruiskruid, witte en paarse dovenetel, knopkruid en zwarte nachtschade.

Komkommermozaïekvirus, kringen en vlekken op het blad

Syptomen: 

  • De bladeren hebben lichtgroene tot gele kringen, figuren en vlekken op het blad
  • Vaak treedt er ook groeiverminderin en bladmisvorming op

Maatregelen: 

  • Gezond uitgangsmateriaal. (ga kijken voor je koopt)
  • Bestrijd onkruiden
  • Verwijder zieke planten
  • Voer bespuitingen uit tegen bladluizen

Bladroller

Bladrollers danken hun naam aan het feit dat de rupsen zich tussen bladeren inspinnen. De bladeren rollen daardoor op. Bij pioenrozen vreet dit kleine bewegelijke zwarte rupsje zich in de bloemknop van de plant. De roller is niet alleen lastig te vinden, maar veroorzaakt ook direct schade aan de bloemknop. Regelmatig controleren is dus noodzakelijk. Bladrollers zijn te bestrijden met o.a Decis, Runner, Turex en Xen Tari.

Om zo goed mogelijk plantmateriaal te kunnen leveren voldoen onze planten aan de volgende voorwaarden: 

  • Jong, gezond plant materiaal (2 jarige teelt) 
  • Soort echt 
  • Vrij van aaltjes 
  • Vrij van wortel onkruiden
  • Nederlands geteeld
  • Gezonde planten, goed aan de maat; 2-3 ogen 75st per leliekrat, 3-5 ogen 50st per leliekrat

Green Works is tevens leverancier van ander zomerbloemen uitgangsmateriaal zoals: Asclepia Beatrix®,Veronica Christa® en de Zantedeschia aethiopica White Swan®.

 

Verkoop & Teeltbegeleiding

Heeft u vragen? Wilt u meer komen te weten over de Pioenen? Neem gerust vrijblijvend contact met ons op en we zullen u verder informeren.


Pioenen Assortiment 2015 - 2016

Bekijk het gehele pioenen assortiment op onze website

 

Catalogus 2015Pioenen Catalogus 2015